benno de wit             

‘Weet je nog die ochtend, de stad gebukt onder inbreuk vol afbraakgeluiden littekens op aangezichten, poreus pleisterwerk van voortdurend vervangen.’        

Houdt van de wereld, door de mens ontworpen, gebruikt en afgebroken om vervolgens

weer nieuwe ontwerpen te maken. Een constante cyclus van ontwerp-gebruik-afbraak.            Als resultaat diverse gebouwen, mooi, lelijk, nieuw, vervallen. Hij wil deze cyclus niet beinvloeden maar ook niet roemloos ten onder laten gaan. Hij probeert een laatste blijvend eerbetoon te maken  om vergetelheid te voorkomen en het een nieuwe plaats te maken.